3.4.25

Minca

De drukte van Pozo Azul
Ten zuiden van Santa Teresa ligt in de bergen het populaire dorp Minca. Het is alles oerwoud hier met rivieren en watervallen. Het dorp wordt onder andere door veel rugzaktoeristen bezocht. Het voordeel hier is dat de nachten flink wat koeler zijn dan bijvoorbeeld in Cartagena. De minimum temperatuur is net boven de 20 graden. Het dorp kent de gebruikelijke toeristenwinkeltjes, café's, restaurants en vooral hostels. 
Onze kampeerplek in Minca, met het mooiste sanitair deze reis

We staan op de camping/parkeerplaats van een hostel. We hebben ons eigen privé sanitair met een warme douche, een unicum in dit deel van Colombia. En er is een mooie en schone keuken waar we kunnen koken en eten. 

Gisteren deden we een 8 kilometer lange wandeling, eerst naar Pozo Azul, een enorm drukke plek aan de rivier met watervallen en zwembekkens. Na een bekertje koffie vertrokken we alweer snel om het mooiste deel van de wandeling toe doen. Af en toe horen we brulapen, maar ze zijn te ver weg om ook maar een glimp te kunnen opvangen.

Geen brug, dan maar de schoenen uit

Vandaag deden we nog een kortere wandeling, ook weer naar een rivier met zwembekkens en een waterval. Hier was het een stuk rustiger. 

De rest van de tijd lezen we, volgen we het nieuws, regelen we nog zaken ten aanzien van de verscheping en relaxen we.

De zoveelste waterval

Morgen gaan we een stuk op weg naar Cartagena, want we moeten vrijdagochtend naar het kantoor van de verschepingsagent. 

We prijzen ons nog steeds gelukkig met het aangename weer en het wegblijven van muggen. 

De bamboe in deze omgeving is reusachtig

30.3.25

Palomino

Camping Bernabé, Palomino; uitzicht vanuit de camper
We zijn nog eens 50 km verder gereden langs de Caribische kust in oostelijke richting. Het dorp Palomino is een echt backpackersmekka. Alle "straten" zijn van zand, er zijn heel veel hostels, bars, restaurants en souvenirwinkels. Onze leeftijdsgenoten zien we hier nauwelijks. 
Het drukke strand in Palomino zelf

Na een heerlijke lunch gaan we naar een prachtig gelegen camping, 4 km vanaf het dorp, met veel bomen en kokospalmen vlak langs de vloedlijn. Het enige minpunt is dat er geen wifi is, maar ons mobiele netwerk werkt wel. Ook zijn er stroomaansluitingen en is er een palapa met een poolbiljard. We parkeren de camper op 20 meter van het strand en genieten van het constante geluid van de branding en de op gezette tijden sierlijk langs vliegende pelikanen. Je ziet ze vaak 20 centimeter boven de golven en ze raken die nooit aan. 

De camping is bijna leeg, alleen een mega grote Duitse truckcamper is er en gisteren kwam nog een Colombiaanse familie met een tent. 

Het rustige strand van de camping

 
Evenals op de vorige camping is de temperatuur ideaal, zo'n 29 graden en 's nachts afkoelend naar 23 graden. Meestal is er een lekker briesje vanuit zee. Er zijn geen muggen of vliegen hier, alleen sporadisch een zandvlo. Kortom, we genieten hier van het simpele kampeerleven. 

Tik op het play-symbool; maak het schermvullend door rechtsonder te klikken; na het afspelen druk op ESC. 

Pelikanen

27.3.25

Tayrona NP

Tayrona Nationaal Park
We hebben na Barichara bijna 800 km gereden om aan de Caribische kust te komen, iets ten oosten van Santa Marta. Dat doe je niet zomaar even in Colombia, want hoewel er delen van de weg vierbaans zijn haal je toch geen hoog gemiddelde. Maandag reden we maar een bescheiden stukje naar Bucaramanga, maar onderweg konden we wel de lekke band laten repareren. Een klein bandenzaakje van een Venezolaanse immigrant kon de klus klaren. Aan de binnenkant werd de band geplakt. We kwamen langs de kloof van de Chicamocha rivier, een bijzondere afwisseling in het landschap.
De Chicamochakloof ten noorden van San Gil

We overnachtten op de camping van Don Mario, een bergweggetje omhoog.

Camping Don Mario in Bucaramanga

Er bleek een prachtig uitzicht op ons te wachten. Een leuke plek. 

De volgende dag zouden we zo'n zes uur moeten rijden naar het dorp Curumaní, maar even buiten Bucaramanga werden we al tegengehouden door de politie. De kortste weg was afgesloten door een demonstratie van vrachtwagenchauffeurs. Ze adviseerden ons een omweg te nemen die zo'n anderhalf tot twee uur extra zou kosten. We hadden geen keus.  

Het tweede deel van de dagetappe werd het echt heet want Curumaní ligt in de braadoven van Colombia. Het wordt er gemakkelijk boven de 35 graden. Daarom hadden we een hotelkamer geboekt, met uiteraard airco en een afgesloten parkeerplaats. Voor een luttele 12 euro kun je geen pijn lijden. We waren redelijk tevreden over het hotel. 

Gisteren ging het verder naar de kust maar ook nu hadden we weer een tegenslag. We werden aangehouden door de politie, nu niet met wijze raad maar met een bonnenboekje. We hebben al sinds november 2022 een 30 cm lange scheur in de voorruit, die na het boren van gaatjes niet verder gescheurd is en die het zicht ook niet echt beperkt. Maar deze politieagent meende dat dit volgens de Colombiaanse wet illegaal is. We zouden een boete moeten betalen van zo'n 8 euro en de ruit moest vervangen worden. Dat laatste is nogal lastig in Zuid-Amerika waar je onze Volkswagen T4 vrijwel nooit ziet. De agent hield een telefoon voor Jan's neus met een vakje waarin hij een handtekening moest zetten. Wat hij daarmee ondertekende werd niet getoond en hij weigerde daarom. 

Na zo'n kwartier over en weer argumenten uitdelen, kreeg Jan paspoort en rijbewijs weer terug en konden we weer op weg, zonder een handtekening te hebben gezet. Hij had wel een foto gemaakt van de scheur en de documenten, maar we hebben geen idee of hij daar nog iets mee wilde doen. We weten ook niet echt of hier sprake van corruptie was.

Tayrona NP

De Caribische kust is gelukkig een stuk koeler dan het hete laagland waar we eerst doorheen reden. De zeewind heeft effect en het blijft onder de dertig graden. We zijn in het nationale park Tayrona. Het is heuvelachtig oerwoud met veel palmen en mooie zandstranden en ook rotsen. Het is ondanks de flinke toegangsprijs populair bij Colombiaanse en buitenlandse toeristen.

De baai van San Juan 
Waaghals

We staan op een camping in het park, de enige die per auto bereikbaar is. Het is een palmentuin en hij beschikt over een zwembad, restaurant en ligt aan het strand. We slapen dus met het geluid van de branding, voor het eerst weer sinds zeven weken geleden in Peru. De camping is tweemaal zo duur als het hotel in Curumaní, maar we hebben het ervoor over. 

Vandaag deden we de klassieke wandeling naar de baai van San Juan, zo'n 12 kilometer in totaal.

De wandeling was grotendeels eenvoudig

De heenweg was rustig omdat we vroeg waren vertrokken maar op de terugweg werd het behoorlijk druk.

Tarzan (soort van)

Veel mensen overnachten in het park op een van de campings waar de tenten in slagorde staan. Ze hoeven dan niet heen en terug op één dag zoals wij. 

Voorbereiden op de wandeling terug

Hoe dan ook, we deden er zo'n 4,5 uur over, want er zijn ook nog wat klimmetjes te overwinnen. De natuur is prachtig en de zandstranden hebben een echte bountykarakter. Op het keerpunt konden we in een hangmat even uitrusten, tegelijk uitziend over het strand, vanaf een uitzichtpunt. 

Op de terugweg zagen we een groep apen in de kokospalmen en andere bomen. 

 

23.3.25

Barichara

De camping Guaimaro in Barichara is vernoemd naar deze boom
Tijdens de wandeling vandaag
Na Villa de Leyva hebben we een soortgelijk dorp op onze route, hoewel met een kleine omweg. Barichara is wat minder bekend, iets minder toeristisch maar ook authentiek.

 
Voor we hier aankwamen verbleven we nog op de camping van de Zwitserse Marina en haar man.  Ze hebben drie jaar in Zuid-Amerika op motoren gereisd en sinds kort zijn ze een camping begonnen op een gehuurd stuk grond met huis. Het is allemaal prima voor elkaar en via de app iOverlander komen er regelmatig bezoekers op hun camping La Cabra Gris. Hoewel het 's nachts flink regende hebben we genoten van de camping met de vele bloemen en fruitbomen. We deden een wandeling vanaf de camping naar een watervalletje. 

Nu waren er ook nog andere reizigers, een Brits stel in een Landrover. Ze zijn een paar maanden geleden in Cartagena begonnen en willen een groot deel van het continent bereizen en daarna doorgaan naar Zuid-Afrika. Ze hadden een tijd in Nederland gewoond, dus "goedemorgen" konden ze in elk geval zeggen.

Op een plateau ligt het door de Spanjaarden gestichte Barichara

Gisteren reden we 150 km verder naar Barichara, aan een zijweg vanaf San Gil. Het is hier een stuk warmer en droger, een echt subtropisch klimaat, wat je ook aan de plantengroei kunt zien, want cactussen en allerlei vetplanten gedijen hier goed.

Mooi plekje op camping Guaimaro

We zijn te gast op de camping van Juul en Joep, Nederlanders die hier sinds 2011 wonen en sinds enkele jaren een camping hebben. Hier klopt alles: goede wifi, warme douches, in de open lucht, en een mooi ruim terrein met bomen, waar je elkaar niet in de weg zit. En een gezellige ruimte met hangmatten en een keuken. 

Steile straatjes in Barichara

Vanochtend zijn we naar het dorp gelopen, ongeveer 2,5 km over een rotsachtig pad. Het is een mooie omgeving met grootse vergezichten. Het dorp wordt deze zondag druk bezocht en het heeft inderdaad veel charme. De weg terug ging per tuktuk. 

De kerk aan het centrale plein

Helaas bleek gisteren dat we een lekke band hebben. Er zit een stuk metaal in. Inmiddels is het reservewiel gemonteerd en moeten we de band gerepareerd zien te krijgen. Dat zal morgen misschien niet lukken omdat er een nationale vrije dag is. Toch willen we morgen wel verder want het is een paar dagen rijden naar de Caribische kust waar we ook nog een tijdje willen zijn, voordat we op 4 april in Cartagena moeten zijn voor een afspraak met verschepingsagent. 

Het aftellen voor de terugvlucht is begonnen, nog vijf weken. 

 

21.3.25

Villa de Leyva

Plaza Mayor, Villa de Leyva

Ongeveer 180 km ten noorden van Bogotá ligt een door de Spanjaarden gesticht dorp dat zijn oorspronkelijke karakter mooi heeft bewaard. Het zijn de kasseienstraten en witte geschilderde panden, vaak met houten balkons, die het dorp karakteriseren. 

Bovenal is het toch de Plaza Mayor, het enorme hoofdplein, wat Villa de Leyva bekendheid heeft bezorgd. Het is 120 bij 120 meter en helemaal bedekt met kasseien, met in het midden een bron. Er omheen staan mooi bewaard gebleven gebouwen. 

Camping

Wij staan op een camping, zo'n 300 meter van dit plein vandaan. Het is een ruim grasveld waar wij het rijk alleen hebben. Het is er 's nachts heerlijk rustig. We hebben goede sanitaire voorzieningen en wifi, dus prima. 

Wandelpad, meer rots dan pad
Typerend zijn de balkons en witte muren

Vandaag, op Janny's verjaardag, probeerden we een wandeling te doen naar een 300 meter hoger liggend uitzichtpunt. Het was toch iets te veel gevraagd over de rotsen, zodat we halverwege terugkeerden. 

We lunchten bij de Happy Monkey, een restaurant dat hoog gewaardeerd wordt. En waar wordt een aap gelukkig van? Precies, van bananen. De meeste gerechten hebben de bakbanaan als basisingrediënt. Zo hadden we vegetarische lasagne met vellen bakbanaan en het andere gerecht had een krokante bodem van bakbanaan. Het smaakte allemaal uitstekend. 

Verjaardagslunch

Het weer is lenteachtig met veel zon, droog en een lekkere temperatuur. Het is hier een stuk warmer dan in Bogotá waar we de verwarming in het appartement wel misten en waar het ook heel wat regende. 


18.3.25

Bogotá (2)

Een voorbeeld van politieke graffiti; deze (een deel op de foto) is aangebracht ten tijde van en ter
ondersteuning van de vredesbesprekingen tussen de guerrillaorganisatie Farc en de regering;
De tekst luidt: ik koos niet voor de oorlog maar werd geboren als strijder
Gisteren deden we een wandeltour langs de graffiti in de stad, samen met een Amerikaans stel. De gids leidde ons langs allerlei plekken met bijzondere straatkunst maar soms ook muurschilderingen die in opdracht zijn aangebracht.
Deze schildering toont hoe de inheemsen gebruik maken van de grote rivier Magdalena
en wat de natuur hen brengt

De graffitigemeenschap is in Bogotá heel sterk en heeft deels een politieke inspiratie, deels een kunstzinnige en heeft deels een egocentrische inslag. In een deel het de binnenstad waar wij rondliepen is het overweldigend, zoveel je ziet. Onze gids José wist overal wel een boeiend verhaal bij te houden.

Werk van de internationaal bekende 
Carlos Trilleras, die inheemsen met een 
zelfbewuste uitstraling weergeeft

Helaas was het deze ochtend ronduit regenachtig en hadden we onze paraplu's haast constant nodig. We vonden het zeer de moeite waard en we kwamen op deze manier langs plekken waar je normaal gesproken aan voorbijloopt. 

Ook zijn onze gedachten over graffiti bijgesteld. Straatkunst is wel degelijk kunst en meningsuiting en is voor de stadsbevolking ook van waarde. Dat was vooral het geval nadat in 2017 een graffitikunstenaar per ongeluk door de politie werd neergeschoten. Toen ging men er echt over nadenken en werd de waardering een stuk groter. Ook heeft de gemeente geen actief verwijderingsbeleid meer en graffitikunstenaars worden ook niet gearresteerd en kunnen hun werk ongestoord doen.

We bezochten na de lunch nog de kapper voor een nodige knipbeurt. 

Het appartement waar we verblijven is goedkoop, simpel en niet zo goed onderhouden en ingericht, maar goed genoeg voor een paar nachten. Helaas geen verwarming, zodat Janny met de jas aan zit, maar verder wel comfortabel.

José geeft uitleg bij een muurschildering binnen

"Het volk geeft niet op", staat er. De Colombiaanse bevolking telt o.a. inheemse culturen en
ook veel Afrikaanse afstammelingen; gemaakt door DJLU, die ook architect aan de universiteit is

Vandaag, tijdens onze laatste dag, bezochten we het goudmuseum, el Museo de Oro. Het is een van de meest vooraanstaande musea in Colombia. Het gaat om kunstvoorwerpen uit Colombia uit de precolumbiaanse periode, tot wel 2000-3000 jaar geleden. We zagen hoe de culturen destijds de kunst van het delven en smelten van metalen beheersten en vooral hoe ze er legeringen van konden maken en zeer gedetailleerde voorwerpen, zowel gebruiksvoorwerpen als kunst. 
Gouden dodenmasker van duizenden jaren oud

In de hoofdstraat van Bogotá, de 7e Carrera, een voetgangersstraat, was een groot deel van de dag een demonstratie waaraan duizenden mensen meededen. Het verliep allemaal zeer gedisciplineerd, maar wel met het nodige lawaai. De demonstratie was een ondersteuning voor de linkse president Gustavo Petro, die zijn wetsvoorstel voor arbeidshervorming getorpedeerd zag door de rechtse oppositie.  

Demonstratie ter ondersteuning van de president

16.3.25

Bogotá

Straattekenaar in Bogotá
Ook de hoofdstad van Colombia vereren we met een bezoek. Acht miljoen inwoners, dus een enorm grote stad is het.
Om een stuk af te snijden namen we een pontje met 
buitenboordmotor; er konden twee auto's op

Toch was de weg er naar toe moeizamer dan het rijden in de stad zelf, want het lijkt wel of alle doorgaande wegen in Colombia opnieuw worden aangelegd. Het aantal bouwplaatsen is niet te tellen. 

Daarbij komt dat er soms ook nog blokkades zijn door demonstranten. Dat zou opnieuw het geval zijn op weg naar Bogotá, maar gelukkig bleek dat niet meer het geval. Toch deden we over de laatste 100 kilometer zo'n drie uur. 

Uitzicht vanaf onze kamer in Hotel Spotty

Ook in deze stad hebben we weer een hotel om comfortabel en veilig te kunnen verblijven. Door omstandigheden verhuizen we na twee dagen nog naar een appartement. De auto kun je redelijk probleemloos kwijt op een van de vele particuliere bewaakte parkeerterreinen. 

Zaterdag stond onder andere het Boteromuseum op het programma. Fernando Botero was de bekendste moderne kunstenaar van Colombia. Hij overleed in 2023. Zijn schilderijen en beelden zijn in een typerende en heel herkenbare stijl. De figuren zijn gedetailleerd maar niet natuurgetrouw. Delen van het lichaam worden sterk benadrukt zodat het altijd een karikatuur lijkt. De mond daarentegen is altijd te klein en heeft vrijwel steeds de zelfde zuinige uitdrukking. De vrouwen hebben altijd een horloge om.

Botero schonk zijn kunstverzameling van impressionisten als Degas, Picasso en Toulouse Lautrec en zijn eigen werken aan het museum zodat er een zeer interessante collectie te bewonderen is en dat voor een gratis entree, hetgeen hij als voorwaarde had gesteld bij de schenking. Toch zullen de meesten komen voor het werk van Botero zelf.

 

 
Zondag moesten we dus verhuizen naar een appartement vlakbij het hotel.  We dachten voor twaalf uur nog wel even de steile berg Cerro de Monserrate te kunnen bezoeken maar we hadden niet op de enorme toestroom gerekend. Je kunt met een kabelbaan omhoog maar we moesten zeker een uur in de rij staan voor we meekonden. Bovenaan is het een labyrint van van toeristenwinkeltjes en eetstalletjes waar de menigte zich in traag tempo langs beweegt. Na een ijsje en wat foto's moesten we al weer naar beneden met dezelfde kabelbaan om nog enigszins op tijd te zijn voor de checkout in het hotel. 
Uitzicht over de miljoenenstad

Een wand van het 25 verdiepingen hoge Spotty hotel heeft gigantische kindergezichten

Vanaf Quito hebben we 1500 km gereden tot Bogotá in 22 dagen;
inclusief de dagen dat we stilstaan rijden we circa 90 km per dag gemiddeld deze reis

13.3.25

Villavieja

De Tatacoa woestijn
Villavieja is de toegangspoort tot de Tatacoa woestijn. Wij hebben natuurlijk al enorme woestijnen in Chili en Peru gezien, dus een miniwoestijn in Colombia kan ons niet echt verrassen, denken wij. 
 

Een groot verschil is dat het er wel eens flink regent. Dat overkwam ons gisteren toen we op een kleine camping stonden, een paar honderd meter van de asfaltweg. Als het regent wordt het meteen modder en wordt rijden over de onverharde toegangsweg onmogelijk. Het regende afgelopen nacht urenlang behoorlijk door en dus zaten we min of meer gevangen op de camping. Vandaag scheen de zon weer en was het 30 graden en kon de omgeving weer wat opdrogen. Toen er 's middags ook nog een 4WD pick-up aan kwam rijden en een spoor maakte, konden we het er op wagen en kwamen we inderdaad weer op de asfaltweg. 

 

Een langere wandeling door het gebied was om de zelfde reden ook niet mogelijk: te veel modder.

Maar van bovenaf hadden we mooi zicht op de rode woestijn, die we zelf "badlands" zouden noemen, zoals we eerder in de VS hebben gezien. 

Behalve op de camping in de woestijn hebben we de dag ervoor en nu de dag erna bij een hostel in het dorp gestaan. Het is het inmiddels gebruikelijke recept dat we op de afgesloten parkeerplaats kunnen staan en gebruik maken van wifi en de sanitaire voorzieningen, die hier heel goed zijn. Wel koude douche, maar dat is in het warme en klamme klimaat hier juist welkom. 

De camping waar de regen ons overviel

Nog een dag terug stonden we bij een woonhuis met boomgaard, ook prima.