7.12.24

Putre

Overnachtingsplek in de Atacamawoestijn, maar wel enkele bomen
We hebben ons verblijf eergisteren met nog een dag verlengd in Iquique. Aan het strand dit keer, samen met zo’n zes andere campers, waaronder een VW T4 zoals wij hebben. Hij zag er mooi uit en wordt gebruikt door een jong Argentijns stel. 
Strand in Iquique met kerstboom

De plek was rustig als overnachting maar ‘s avonds is er enorm veel activiteit van joggers, skaters en fietsers. Veel jongeren komen hier sporten en het is ook wel uitnodigend met de goede voorzieningen en vlak aan het strand. 

Een diorama verbeeldt het werk in de salpetergroeve

Gisteren vertrokken we naar het binnenland. We hoopten nog een blik te kunnen werpen op de kledingstort in de woestijn, waarover in een NRC-artikel werd gerept. Chili is een dumpplaats voor onverkochte kleding uit Europa en de VS. Gedeeltelijk wordt het hier verkocht of geëxporteerd naar omliggende landen. Echt onverkoopbaar spul blijft liggen in de woestijn. 

We bezochten de Oficina Humberstone. Met oficina worden de salpetergroeven aangeduid waarvan er in deze omgeving tientallen zijn geweest. De Engelsman Humberstone nam er een over en exploiteerde hem tot in de zestiger jaren. Het dorp dat bij zo’n mijn werd gebouwd werd in dit geval een museum en het spookdorp werd gedeeltelijk gerestaureerd, ook al omdat het werelderfgoed is. Wij hadden zoiets eerder gezien maar Humberstone is wel echt bijzonder vonden wij. 

 

Het werd ons ook duidelijk dat in de begintijd, rond 1900, de sociale omstandigheden erg slecht waren. Er braken stakingen uit, die bloedig werden neergeslagen. Later is de situatie wel verbeterd. De dorpen bij de salpeterfabrieken hadden allemaal het zelfde stramien met onder ander school, theater, kerk en winkels. Ze lagen afgelegen in de woestijn, zodat het hele leven zich noodgedwongen in zo’n dorp afspeelde. 

Salpeter is natriumnitraat en was een gewilde grondstof voor kunstmest en allerlei biochemische toepassingen.

We eindigden de dag ook in de woestijn, maar wel met bomen om ons heen, voor het eerst weer in de Atacama. Het was een prachtplek met een mooie sterrenhemel. 

Onderweg zagen we deze vier meter hoge beelden;
ze zijn geïnspireerd op mummies uit deze omgeving;
ze geven mooie klanken door de wind

Verrekijker in de aanslag

Aan de overkant afbeeldingen van lama's (klik voor scherpere weergave)
Vandaag vervolgden we de reis naar Arica, de meest noordelijke stad, vlakbij de grens van Peru. We deden nog wat boodschappen en tankten extra vol. Normaal als je tankt en je stopt als het tankpistool afslaat is de tank niet echt vol. De pompbediende wist er met veel geduld nog 13 liter extra in te krijgen. Zo kunnen we een eind komen, want voorlopig zien we geen tankstation meer. 

We staan inmiddels op 3100 meter hoogte even voor het dorp Putre, prima om te wennen aan hoogten rond de 4000 meter waar we de komende tijd langdurig zullen verkeren. We zijn op weg naar Bolivia. 

4.12.24

Iquique (2)

De haven van Iquique vanaf ons balkon
Eigenlijk zou Iquique in Peru moeten liggen en evenzo zou Antofagasta in Bolivia moeten liggen. De Salpeteroorlog, eind 19e eeuw, had echter tot gevolg dat Chili deze gebieden kon toevoegen en daardoor nog een paar honderd kilometer langer werd dan het toen al was. 
De replica van de Esmeralda

In Iquique wordt die geschiedenis levend gehouden en vooral Arturo Prat met zijn vlaggenschip Esmeralda wordt een heldenstatus toegedicht. Weliswaar verloor hij zijn schip en zijn leven hier voor de kust van Iquique tegenover een veel beter bewapend en sneller Peruaans oorlogsschip, maar de oorlog was met deze verloren zeeslag allerminst verloren. Met Engelse hulp konden de Chilenen de Salpeteroorlog in hun voordeel beslissen en konden de rijke salpeter- en koperbaronnen hun belangen veiligstellen. 

De zeeslag uitgebeeld: het laden van een kanon

We kregen het vandaag allemaal te zien in en op een replica van de Esmeralda, het stoom-zeilschip waar we vanuit ons appartement zelfs op uitkijken.

We hebben voor enkele dagen een Airbnb-onderkomen, heel comfortabel en centraal gelegen. We hebben een mooi uitzicht op de haven en de baai aan de noordkant van het centrum. Het is niet echt rustig want de noordelijke toegangsweg naar de haven loopt hier langs en daar komen vrachtwagens over die containers van en naar de haven brengen.

Houten herenhuizen in Iquique
Het centrale plein is vernoemd naar Arturo Prat

Iquique is een prettige stad van zo'n 250.000 inwoners. Het centrum telt veel gerestaureerde houten panden aan de Baquedanostraat, waarin ooit de rijke bovenlaag woonde. Nu is het een autovrije flaneerstraat geworden.

Pisco sour op ons balkon


1.12.24

Iquique

Mano del Desierto, verplichte stop aan de Ruta 5
Het is nog 80 kilometer tot de grote stad Iquique. We staan weer aan zee op een eenzaam plekje een eindje vanaf de kustweg Ruta 1. 
Taltal, een zwerfhond is nooit ver weg in Chili

De kust telt hier duizenden vogels, meeuwen, aalscholvers, pelikanen en gieren vooral. Het moet wel een visrijk gebied zijn. 

 

Er zijn hier weinig steden of dorpen, eigenlijk voornamelijk kleine nederzettingen van houten huisjes, veelal zelf gebouwd. De mensen leven hier van de visvangst en het binnenhalen van zeewier. Nu het weekend is zien we ook wel hier en daar een caravan of tent op het strand staan.

Overnachting bij Tocopillo

Gisteren stonden we ook op zo’n plek, iets ten noorden van het stadje Tocopillo. Net na ons kwam een Braziliaanse camperbus bij ons staan. Ze zijn van plan ook naar het noorden te reizen en uiteindelijk in Alaska te komen. De Brazilianen zijn duidelijk de reislustigste Zuid-Amerikanen. 

Eergisteren voerde de route door het binnenland en we kwamen langs de beroemde sculptuur van een meter of 10 hoog, genaamd Mano del Desierto (hand van de woestijn). 

Ruïne van voormalig hotel

Vanochtend namen we een kijkje bij een verlaten complex van huizen met hotel, pal aan zee. Het bood lang geleden onderdak aan werknemers in de winning van guano, destijds een veel geëxporteerde meststof. 

Opvallend genoeg hebben we een sterk 4g-signaal op onze huidige overnachtingsplek terwijl er in de verste verte geen huis te zien is.

Quebrada Honda, een van de dorpjes aan zee met houten huizen en hutten

28.11.24

Taltal

Taltal
Vanuit Caldera zijn we nog even heen en weer geweest naar Copiapó, een omweg van 160 km. Dat was zo gepland en het kon niet eerder deze week. We wilden naar een garage daar met goede recensies op iOverlander.
De LandRover uit Brazilië

Toevalling was daar ook een Braziliaans gezin (met dochter van zes) in een LandRover. Ze hebben vrijwel de gehele wereld over gereisd met dit voertuig in zes jaar tijd, ook door Nederland. Ze hadden lang geleden in Brazilië zelfs Karin-Marijke en Coen ontmoet, die wij weer kennen van een overlandersweekend in Nederland. Het wereldje is soms klein. Zij bekostigen hun reis door het uitgeven van boeken, een film en nog andere aan reizen gerelateerde inkomsten.
Mario aan het werk

Wat wij bij een garage deden had vooral te maken met een vervelend geluid linksvoor, alleen bij kleine hobbels. Jan had al een veer in de rem vervangen die was verdwenen, maar dat hielp niet echt. Mario, de monteur, ontdekte dat ook twee geleidepennen ontbraken. Die waren gelukkig in een onderdelenzaak te krijgen. Ook werden de afgebroken spatschermen van de remmen vervangen, die Jan had meegenomen. En de rechter stuurarm werd vervangen en ook die was in het vliegtuig meegenomen. De bus stuurt nu weer strak en de geluiden zijn weg. Een en ander is waarschijnlijk veroorzaakt door de wasbordwegen die we vooral in Argentinië vaak meemaakten. 

De unieke rondjes op de Granito Orbicular

Vanuit Copiapó reden we gisteren door naar de ons bekende plek aan zee, genoemd Granito Orbicular. Vanochtend deden we er een wandeling. Het is er heerlijk rustig met alleen zeeleeuwen en zeevogels. 

Altaartjes zijn alom tegenwoordig in Chili

Nu zijn we opnieuw op een bekende plek, namelijk bij het park aan zee in Taltal. Ook nu weer het mooie geluid van de branding.

Wandelen aan de Atacamakust

De bizarre vormen in de Zoologico de Piedra

De afgelopen 15 dagen hebben we in werkelijkheid 1450 km gereden; we moesten twee keer een eind terug

26.11.24

Caldera

Caleta de Cisne, aan de Stille Oceaan
Vier weken geleden begonnen we aan de Atlantische Oceaan en inmiddels hebben we de Stille Oceaan weer bereikt. 

De afgelopen dagen hebben we het in het hotel in Copiapó naar onze zin gehad. We hebben weinig in de stad gedaan, ook al omdat er niet zoveel bijzondere dingen zijn te zien. Het is wel een levendige stad, die bruist vanwege de alom tegenwoordige mijnbouw. Je ziet overal werknemers van de mijnindustrie, ook in het hotel. 

We bezochten wel een mineralogisch museum, met allerlei bijzondere gesteenten in de meest wilde kleuren. Ook waren er een paar meteorieten tentoongesteld.

Blije dieren bij A Fuego

We lunchten twee keer in een veganistisch restaurantje. Dat is het voordeel van een grote stad.

We moesten natuurlijk weer onze voorraden aanvullen en daarvoor zijn de meerdere grote supermarkten handig. De keuze is een heel stuk uitgebreider dan aan de Argentijnse kant van de grens. En de prijzen zijn in Chili tegenwoordig lager dan in Argentinië. 

We zijn vandaag 80 km verder gereden om bij de kust te komen, ten zuiden van Caldera. We hebben een prachtige overnachtingsplek gevonden aan zee. We zullen in slaap vallen met het geluid van de branding. 


22.11.24

Copiapó (Chili)

Vicuña's
De tweede poging om de de San Francisco Pas over te komen had wel succes. We deden het deze keer maar gewoon in één keer, bijna 500 kilometer en tot een hoogte van ruim 4700 meter. We hadden nog wel even de gendarmerie in Fiambalá gevraagd of we nu zeker naar Chili konden rijden. Ja, dat was zeker.

De San Francisco Pas

De weg is nergens heel steil, zodat we vlot omhoog kwamen. Wel was er aan de Chileense kant een flink stuk onverhard, zodat we er inclusief de pauzes ruim acht uur over deden.

De Ruta 60 gaat ook door een kloof

Het landschap is overweldigend met dode vulkanen van 6000 meter hoog, meren en zoutvlaktes. We zagen heel veel vicuña's, maar ook paarden, ezels en koeien grazen op de plekken waar wat begroeiing was.

Het Andeslandschap, kale bergen en soms een riviertje

De grensovergang was super rustig en het ging daardoor vlot. Wel waren we vergeten een zakje gemengde noten goed te verstoppen. Je mag alleen maar door de fabriek verpakte etenswaren de grens overbrengen naar Chili. Er wordt redelijk uitvoerig doorzocht, maar de koelkast werd vreemd genoeg overgeslagen.

Drie dagen onder de bomen achter het tankstation
De afgelopen dagen waren we dus in Fiambalá en we stonden op een enigszins beschaduwd terrein achter een tankstation, annex cafetaria. Er zijn schone wc's en zelfs een nogal primitieve douche. We hadden geen contanten meer voor een camping en ergens dollars wisselen voor peso's zat er ook niet in. De supermarkt en het tankstation accepteerden gelukkig de creditcard. 

We waren er wel een beetje uitgekeken de laatste dag, te meer daar een groot deel van de dag het internet het liet afweten. Wel leuk om allerlei volk te observeren, zoals mensen die in een tentje overnachten of simpelweg in de laadbak van een pick-up. We spraken ook twee mannen die met een enorme vrachtwagencombinatie vol met meubels van de Paraguayaanse grens naar hier waren gekomen om de spullen kwijt te raken. En dat doen ze al twintig jaar. 

Slapende honden bij de slager in de supermarkt

De mensen zijn allemaal erg vriendelijk en belangstellend. En ze raden altijd af om naar de grote Argentijnse steden Buenos Aires, Rosario en Córdoba te gaan. Wij vinden het wel meevallen.

Overigens heeft Jan het verblijf hier nuttig besteed met het wassen van de camper en het doen van een reparatie. De afgelopen dagen gebeurde het drie keer dat de camper niet in één keer startte. Je hoort een tikje en er gebeurt niets. Bij een tweede of derde keer gaat het dan wel. Vermoedelijk ligt dat aan het zogenaamde contactblokje. Omdat dit een bekend probleem is had hij er een bij zich. Het demonteren en monteren is wat lastig omdat je er moeilijk bij kunt, maar het is gelukt. 

Dit is waarschijnlijk de laatste keer dat we in Argentinië hebben gereisd. Het land kent een enorme diversiteit in landschappen, van jungle tot woestijn, stranden en hooggebergte. We hebben ervan genoten en zeker ook van de aardige mensen hier. Eigenlijk is iedereen hier erg relaxed, ondanks de moeilijke economische omstandigheden. We vinden het jammer dat we Argentinië achter ons laten na de diverse bezoeken van in totaal bijna zes maanden. 

We zijn dus nu weer in het noorden van Chili, maar de mijnwerkersstad Copiapó kenden we nog niet. We hebben voor drie nachten een hotel geboekt om weer eens wat meer luxe te hebben, zoals een echte douche en snel internet. 

19.11.24

Paso San Francisco en terug

Eenzame overnachtingsplek aan de Ruta 60 naar Chili
Aan de Chileense kant hebben ze onverwacht de grens gesloten en die gaat vrijdag pas weer open. Drie dagen wachten of 180 km terug naar Fiambalá, dat is de keuze. 

Er is bij de Argentijnse grenscontrolepost (waar we tegengehouden werden) gelukkig wel internet, zodat we dit berichtje konden plaatsen. 

Aan het riviertje

Update: we zijn toch maar teruggereden naar Fiambalá en hebben daarmee 350 km gereden die eigenlijk voor niets zijn geweest. De afweging was dat we hier in het dorp alles kunnen kopen en ook internet hebben. Heel veel nieuws is er voor ons niet te ontdekken, maar vooruit, het moet maar zo. We waren niet de enigen die rechtsomkeert moesten maken, dus er waren meer mensen op het verkeerde been gezet.

Afgelopen nacht op onze "acclimatiseringsplek" van 3500 meter hoogte stonden we aan een riviertje en hoorden we vrijwel niets en was het ook heel donker. Toch wel steeds een bijzondere ervaring. We sliepen trouwens niet heel erg goed op 3500 meter, maar de hoofdpijn bleef binnen de perken.

In de Cañon de Los Indios

Vooraf deden we gisteren een wandeling in de Cañon de los Indios. Het is een prachtige kloof met hier en daar enig klauterwerk.

 

Er zijn twee rotspartijen waar mensen indianen in zien. Het werd ons aangewezen, maar we hebben waarschijnlijk te weinig fantasie. Ook geen foto van gemaakt.
Spectaculaire rotsen in de Cañon

17.11.24

Fiambalá

Bij de ingang van Fiambalá staan meters hoge dappere krijgers

De laatste plaats voor de grens met Chili, die 200 kilometer verder ligt, is Fiambalá. We kregen nogal tegenstrijdige informatie over de opening van de grenspost en de pas. Soms hoor je dat hij elke dag gesloten is, soms dat het dinsdag en vrijdag open is en vandaag hoorden we dat hij elke dag open zou zijn. Hoe dan ook, we hebben gemikt op dinsdag. Morgen doen we een eerste traject. Om hoogteziekte te voorkomen willen we eerst overnachten op circa 3000 meter hoogte, alvorens dinsdag de pas van 4700 meter over te gaan en opnieuw te overnachten op 3000 meter. Woensdag komen we dan aan in de Chileense stad Copiapó als alles gaat zoals gepland. Over ruim 450 kilometer is er geen enkel dorp of tankstation. Ook geen internet natuurlijk. We zullen na morgen dus even van de radar zijn.
Het duin bij het gehucht Saujil

Vannacht stonden we op een picknickterrein, niet ver van een hoog zandduin. Er gaan mensen vanaf met "sandboards". Het wil in deze omgeving vaak hard waaien met als gevolg zandstormen. 

De nachtrust liet te wensen over want er kwam een groep van 10 jongeren die feest gingen vieren. We vielen uiteindelijk wel in slaap en weten dus niet hoe laat ze zijn vertrokken.

Vanochtend deden we wandeling naar het duin. Vanaf een uitzichtpunt kijk je er overheen. Het is geen Marokko of zo, maar toch leuk.

15.11.24

Tinogasta

Ochtendwandeling
Eerlijk gezegd hebben we niet zo veel te melden deze dagen, want we volgen deels de route die we eerder dit jaar in omgekeerde volgorde deden. Het bevalt ons niettemin, want dit is wel het authentieke Argentijnse platteland. 

De olijfbomen van camping Los Olivos

In Tinogasta bezoeken we weer de mooie camping Los Olivos, van de Nederlandse Monique en haar Argentijnse man. Het zwembad is nog niet gevuld maar verder is het hier comfortabel met schaduwrijke, eeuwenoude olijfbomen. 
Lama

Vanochtend deden we een wandeling in de omgeving. Je moet daar niet te laat mee zijn want de maximum temperatuur wordt vandaag 36 graden. Het voelt gelukkig wel draaglijk vanwege de lage luchtvochtigheid in dit woestijnachtige gebied. 

Estación 2 van de Cablecarril La Mejicana;
op de achtergrond de 6000 meter hoge berg Mejicana

Eergisteren bezochten we in Chilecito nog de cablecarril, dat wil zeggen het tweede station. Deze kabelbaan geldt als de langste ter wereld met 34 km lengte en 3400 meter hoogteverschil. Hij was in gebruik van 1905 tot 1927 voor het vervoer van kopererts van de hooggelegen mijn en omgekeerd werknemers en voorraden naar de mijn. De aandrijving gebeurde met stoommachines. In het droge klimaat hier staat de kabelbaan er nog bij alsof hij zo weer gebruikt kan worden. Het is een opmerkelijk staaltje technisch vernuft van inmiddels 120 jaar oud, gemaakt door Duitse constructeurs.

12.11.24

Chilecito

Gezellige camping Inti Huasi in Chilecito

Na een voor ons ongewoon lange rit van 450 km hebben we de stad Chilecito bereikt, een plek die we kennen van twee vorige keren. Ook de camping Inti Huasi kennen we nog van eerder dit jaar. Het is een leuke en prettige camping. De reis was behalve lang ook vrij saai. Alleen de laatste 100 km werd het afwisselend met bergen en olijfboomgaarden.
Aankleding van de camping


Je komt op deze camping meestal ook reizigers tegen van allerlei soort. Zo spraken we een Engelse fietser die van Colombia naar Vuurland trekt. 

Naast ons staat een Zwitserse Unimog truck. Het stel trekt door de zuidelijke helft van Zuid-Amerika. Ze zijn al in Bolivia geweest en dat is hun goed bevallen, dus daar zien we erg naar uit. 

Libanees eten in Argentinië

Maar eerst blijven we nog een paar dagen in Argentinië, waar het inmiddels behoorlijk warm is geworden. Het is vandaag al 28 graden en er komt de komende dagen nog wat bij. Maar goed, we komen hier mede voor het mooie weer. De nachten zijn hier gelukkig wel koel.

De afgelopen 14 dagen hebben we deze route afgelegd; het was 1925 km in werkelijkheid